Jonge Kunstenaars uit Antwerpse


Bart De Baere in De Gentenaar, Monday 19th September 1983, Belgium.


Sisser

In elk geval een sisser was het eerste deel van de performance door Danny Devos, „Nu ben ik dood - de vernietiger van de wereld". Terwijl burgemeester Monsaert nog een speech aan het aflezen was (na verontschuldiging van de huidige schepen van kultuur wegens „familiale omstandigheden") bleek de artiest de spade al ter hand te hebben genomen. Langzaam druppelde een deel van de receptiegangers uit de Campo Santo kapel.

Onder een poëtische boom groef Devos intussen rustig, met een gloednieuw legerschopje, een kuil op mensenmaat. Daarna nam hij fruitsappauze. Intussen kwamen om de hoek uit een straat een reeks muziekkorpsen met vrolijke ritmes. Met de performance had die stoet geen uitstaans maar ze bracht leven en kleur voor de omstaanders. De inzittenden van de auto's die voor de stoet moesten wachten keken bevreemd naar het gebeuren en zorgden daarmee voor verdere afleiding.

Tussen gepaste intervallen legde tijdens het gebeuren de artiest een stuk stof over de kuil, legde zich erin - herschikte het doek - vouwde de armen boven het hoofd, werd ingepakt, en voorzichtig met aarde toegedekt. De symboliek werd nog verzwaard door wild erop gesmeten kettingen. Waarna de fotografen en andere mensen verder wachtten. Veel later moesten de toekijkers-tot-het-bittere-einde de omgeving verlaten. De verrijzenis daar was geen publieke aangelegenheid.

Zelfkwelling

Na twee derde van het beste uit wat de jonge Antwerpse artiesten aan performances te bieden hebben leek het besluit te zullen uitdraaien op: op sterven na. En toen kwam er een onver wacht hoogtepunt, geen probleem overigens na wat de avond tot dan al aan aktiviteit had opgeleverd.

Daarmee vergeleken was de tweede schijf Danny Devos subliem. Na reeds passief aanwezig te zljn geweest onder zijn lijkwade, met de romp van een beeldje op zijn borst meebewegend met zijn adem, na verdere toespraken ook, werd hij opgetakeld aan zijn voeten. Fllm en dia's, met beelden die steeds herhaald werden, deden de muren meeleven. Intussen een fanatieke Devos, heen en weer zwaaiend aan de ketting, een kruisbeeld kapot slaand, zich afzettend tegen de wand, kleren dragend, door een synthesizer haast onverstaanbaar verhakkeld, tegen een achtergrond van fluit- en drilgeluiden.

Grensverleggend was ook dit niet, maar hier kon zijn zelfkwelling boeien, had de hardheid van de handeling een zekere impakt. De voorspelbaarheid, het ordinaire van o zo symboolzwangere cliché's ontbrak. Het tweede deel van „Nu ben ik dood — de vernietiger van de wereld" was haast even levend en krachtig als het eerste vervelend en langdradig sleepte.

Ook op andere gebieden zet de Antwerpse jonge kunst haar beste beentje voor. In drie ruimtes (Kapel Campo Santo, StAmandsberg; Gele Zaal, Gent; Museum Dhondt-Dhaenens, Deurle) zijn zevenentwintig plastische kunstenaers vertegenwoordigd Daarover later meer. (BdB)





Related performances: Now I am Death the Destroyer of Worlds - 1
Related group exhibitions: Jonge Kunstenaars uit het Antwerpse
2652